Nolens

Uit TitVen
Ga naar: navigatie, zoeken

Peter Nolens (de oude), ovl. 1599-1609, maasschipper en koopman, koopt op 23.01.1574 een lospacht terug, in acten vermeld (1581..1599) Hij tr. 1o Meyken (Knoppen); tr. 2o Petrisse NN. Zij hertr. (voor 1609) Thijs Bronckerts, uit Eijsden, waaruit kinderen. Op 17.10.1581 wordt van Peter Noelens, als rechtsopvolger van Jan Knop van Eijsden, gerechtelijk geeist zeker kapitaal met de verlopen rente overeenkomstig een obligatie dd. 02.03.1579 . Op 24.04.1582 converteert hij deze schuld in een hypotheek op zijn goederen die te Eijsden zijn gelegen. Op 09.01.1582 eist Peter Noelens voor de schepenbank van Eijsden voldoening van een geldvordering, herkomstig van Jan Knoppen, en ter zelfder rechtszitting wordt van Peter Noelens, als vertegenwoordiger van zijn echtgenote Meijcken (Maria) de voldoening van een geldschuld gevorderd. Mogelijk is dus, dat Maria, de vrouw van Peter Nolens, een dochter was van Jan Knoppen. Op 21.01.1585 werd "Peter Noelens van Eysden" te Maastricht gegicht in een huis gelegen langs de Maas aldaar, welk huis hij geërfd had van wijlen Gertrudis Claessen, de echtgenote van Thonis Rutten van Keer en zuster van zijn moeder. De ouders van Petrus Nolens zijn dus een echtpaar Nolens-Claessen geweest.

De laatste vermelding van Peter Nolens gevonden is van 22.01.1599. Uit een akte van 13.12.1611 blijkt dat zijn weduwe hertrouwd was met zekere Thijs Bronckerts van Eijsden en uit dit laatste huwelijk reeds verschillende kinderen had, zodat wel moet worden aangenomen dat zij voor 1609 hertrouwde . Ook moet uit deze laatste akte geconcludeerd worden, dat Peter Nolens de Oude, gelijk hij na zijn overlijden meestal genoemd wordt, zelf ook tweemaal huwde. Immers zijn vrouw wordt in de akte van 13.12.1611 genoemd Petris en niet Maria (Knoppen?), terwijl hij blijkens dezelfde akte bij testament een erfrente vermaakt had aan zijn kinderen verwekt met Petrisse. Deze nadrukkelijke wilsbeschikking is eerst zinvol wanneer Peter Nolens de Oude ook nakomelingschap had uit een ander huwelijk. De tweede echtgenoot van Petrisse, weduwe van Peter Nolens, nl. Thijs Bronckaerts, hoorde tot een echte maasschippersfamilie . Aangaande het beroep van Petrus Nolens de Oude getuigt een verklaring dd. 22.02.1644, afgelegd voor de schepenbank van Eijsden t.b.v. zijn kleinzoon Geurt Nolens, dat "Peter Noelens den ouden grootvader van den voornoemden Geurt over vele jaeren geleden is geweest stuerman op den stroom vandie Maese, de welcke veele jaeren tot synen sterffdach toe heeft continuelycken vele ende menige schepen affgesteurt paiselijck ende vredelijck sonder eenich obstakel" . Daarnaast blijkt uit een proces in 1589 gevoerd voor de schepenbank Eijsden tussen Peter Noelens en Claes Tyckens, dat Peter Noelens te Maastricht tijdens het beleg door Parma in 1579, een partij "coolen" van Simon Symons had verkocht voor 96 dalers. Uit zijn eerste huwelijk (Nolens-Knoppen) geboren :

  1. Geurt (Godfried of Gerard) Nolens. Op 02.02.1607 werd een akte van obligatie ten gunste van zijn erfgenamen opgericht .
  2. Peter Nolens de Jonge
  3. Nen Nolens.
  4. Anna Nolens, tr. Job Geurten, waaruit dr. Mechtild Nolens.

Pieter Nolens de Jonge, ovl. Roermond tussen 16.09.1673 en 29.06.1682, was evenals zijn vader maasschipper en koopman te Roermond en ook burger van deze stad, vermeld als Peter Nollens op de "Lijste van alle schipperburgers der stadt Ruremonde, die servies zullen moeten betalen" (11.02.1644). Trouwt met Agnes Visschers, dr. van Jan Visschers den ouden zaliger van Eijsden. Op 27-11-1649 verkocht Pieter "Nollens" te Dordrecht. voor notaris Daniel Eelboo, aan "Jan Vischers de Jongen sijnen swaeger mede maeschipper ende Borger tot Remundt" zijn aandeel, zijnde 1/3 in het ouderlijk huis Vissers, gelegen te Eijsden en bewoond door hun oom Pieter Pauwelsen (of Peter Pauwels Petermans). Uit dit huwelijk (Nollens-Visschers):

  1. Catharina Nolens, geb. ca. 1644. Zij verbleef 29.06.1682 te Dordrecht.
  2. Mechtildis Nolens, ged. geref. Maastricht (St Jan) 05.10.1646. Zij verbleef 29.06.1682 te Dordrecht.
  3. Agnes Nolens, ged. geref. Maastricht (St Jan) 03.10.1648, ovl. RK Wessem 28.07.1722, tr. RK Gisbertus Deurlincx, uit Elsloo, die te Roermond wordt vermeld als schipbeziender, tollenaar, collecteur der kolenaccijns, tienman en kapitein van het Cremerenambacht (koopliedengilde).
  4. Petrus Nolens, ged. RK Roermond (St Christoffel) 01.01.1651, ovl. vóór 03.04.1707. Evenals zijn vader was hij maasschipper en beleed de geref. godsdienst. Op 29.06.1682 verbleef hij te Dordrecht. Op 26.05.1687 werd hij burger van Nijmegen, in welke stad hij ook meester van het schippersgilde (1688, 1697) is geweest, draagt 100 stenen bij aan de collecte voor de kerk van Urmond (1685 en 1701). Hij tr. Nijmegen (St Steven) 16.05.1687 Maria Clouns, ovl. Dordrecht 10.07.1711.
  5. Joannes (Jan) Nolens, ged. Roermond (St Christoffel) 11.09.1653, ovl. vóór 03.04.1707, j.m. van Roermond (1692). vertoefde 29.06.1682 te Dordrecht, otr./tr. Eijsden geref. 31.08/14.09.1692 Barbara (Berber) Fornay (Farnaij, Froneij), j.d. van Dordregt (1692). geref. lidmaat te Eijsden (1683) op belijdenis.

Geurt Nolens, geb.ca.1620, ovl.Eijsden 25.01.1694, vestigde zich te Eijsden, maar, blijkens een notariële akte op 30.12.1651 te Maastricht gepasseerd, ook burger van Roermond, maasschipper, schepen in Eisden (1665, 1686), aangenomen als geref. lidmaat te Eijsden (1656) en vermeld als lidmaat (1678), diaken en ouderling (1693). Kort voor Kerstmis 1693 ging hij over tot de Katholieke Kerk en kreeg onderricht van de paters Capucijnen van Maastricht. Toen hij vlak hierna ziek werd, probeerde dominee Sylvius van Eijsden hem herhaaldelijk tot andere gedachten te brengen. Geurt Nolens echter verbood tenslotte aan de dominee zijn huis te betreden. Daar deze laatste zulks in zijn pastorale ijver toch nog deed, liet Geurt Nolens "deur sijne huysvrau ende domestiken" de hulp van de gebiedende heer van Eijsden inroepen om van voortgaande huisvredebreuk gevrijwaard te blijven. Op 24 en 25 jan. 1694 liet Geurt Nolens van het gebeurde een omstandig notarieel verslag opmaken. 's-Daags erna, 26 jan., werd hij reeds in de kerk van Eijsden begraven, terwijl zijn dienst 4 febr. plaats vond. Hij trouwt de 1ste keer vóór 1647 met Maria Terffs (Lemmen; ged.RK 29.07.1613 Eijsden; ovl.1658-1677) . Hertrouwt in Eijsden geref. 27.05.1677 (als wedr. van Meijcken Lemmen) met Merrij (Maria) Ausems, ovl. na 1693, j.d. van ('s-Graven)Voeren (1677). Geurt Nolens, maasschipper, door de Dordtse nots. G. Waltherij op 04.05.1682 vermeld in een extract uit 1656 als debiteur van juffrouw Magdalena Vermaese, koopvrouw in zout en burgeres van Dordrecht. In de periode dat Geurt Nolens maasschipper wordt genoemd blijkt hij ook herhaaldelijk elders te vertoeven. Zo bekent hij 29.11.1649 te Dordrecht aan Willem Wijers schuldig te zijn, wegens aankoop van kanterkaas en kruisharing, de toen grote som van 1958 gulden, en op 20 aug. 1651 blijkt hij aldaar in kalk en koren te hebben gehandeld, in 1656 was hij debiteur van juffrouw Magdalena Vermaese, koopvrouwe in zout en burgeresse van Dordrecht. In 1656 en 1657 procedeert voor de Schepenbank Breust : Willem Weyers tegen Geurt Nolens wegens een schuldvordering. Uit zijn eerste huwelijk (Nolens-Terffs) geboren :

  1. Christina Nolens, geb. ca. 1647, ovl. Eijsden 05.12.1722, getr. Eijsden (1668) met Liebert (Lambertus) Je(e)gers.
  2. Maria Nolens, ged. geref. Maastricht (St Jan) 14.10.1650, ovl. Caustert/Eijsden 16.10.1724[582] , tr. Breust kerk 08.04.1674 Matthias Jeuckens.
  3. Frederik Nolens, ged.geref. Maastricht (St Jan) 09.11.1653, ovl. Eijsden 1708.
  4. Petrus Nolens, geb.ca. 655, ovl. Eijsden voor 21.09.1718, tr. Eijsden geref. 26.07.1688 ("sijn de selven den 26 july in de kerke tot Wilre in den Vroenhove getrouwd volgens ontvangen attestatie meldende insgelijken van haar dogtertje Maria") tr. Wolder geref. 26.07.1688 Jenneken (Joanna ) Cousen (alias Peters), ovl. na 1730, j.d. van Eijsden (1688). Zij wordt 09.05.1730 vermeld als hertrouwd met Anthonius Theunissen. De kinderen Nolens-Cousen gingen 21.09.1718 over tot scheiding en deling van de erfenis van hun vader.
  5. Aleydis Nolens, ged. geref. Eisden 01.08.1656, tr. 1677 Philippus Praesten (Proosten?). De kinderen uit dit huwelijk werden katholiek gedoopt.
  6. Mechtelt Nolens, ged. geref. Eisden 25.10.1658, ovl. verm. jong.

Uit zijn tweede huwelijk (Nolens-Ausems) geen kinderen bekend.


Maasschippers